woensdag 26 september 2007

Op weg naar de verkiezingen

In maart vinden er in Rusland presidentsverkiezingen plaats. En na 8 jaar Vladimir Poetin is het tijd voor Rusland om afstand te nemen van deze op handen gedragen president. Volgens de constitutie heeft de president namelijk recht op twee ambtstermijnen van 4 jaar en aan deze democratische traditie moet men zich houden. En dat zal ook gebeuren. Maar democratie in Rusland is wat anders dan wat er in Nederland onder verstaan wordt. Zo heeft Poetin zich onlangs nog fel tot Bush gewend: “Amerika hoeft Rusland de democratie niet te beleren. Rusland kent haar eigen democratie.” En zo wordt er nu begonnen met de voorbereidingen voor de presidentsverkiezing. Het is noodzakelijk om even in herinnering te brengen hoe Poetin tot president is verkozen. Voordat Poetin president werd, was deze Petersburgse ex- KGB’er een vrij onbekend persoon op het politiek toneel. Boris Jeltsin kampte al jaren met zijn gezondheid. Daarbij kon zijn verworven rijkdom en steun van de clan oligarchen zich tegen hem keren. In 1999 wordt Poetin uit het niets opeens benoemd tot premier minister, waarom? Poetin was Jeltsin uitverkoren presidentskandidaat. Op Oudejaarsavond neemt Jelstin afstand van zijn ambt en bedankt het Russische volk voor haar steun, dat ze niet hebben opgegeven in de niet altijd gemakkelijke tijden, eigenlijk voor alles wat ze in de jaren negentig met hem hebben doorgemaakt. Poetin wordt waarnemend president. Binnen drie maanden moeten er verkiezingen worden uitgeschreven, twee maanden eerder dan oorspronkelijk gepland. De campagne van Poetin was al klaar voor lancering, die van de oppositie niet. In maart 2000 stemde Rusland massaal op de onbekende, maar door het Kremlin gesteunde, Poetin. Nu, anno 2007, is er wederom een wisseling van de post premier minister, en wederom is er een onbekende op het politieke toneel van het Kremlin verschenen. De 65 jarige Zoebkov. De tactiek achter deze zet. De president van de Russische Federatie mag niet ouder dan 70 jaar zijn. Zoebkov zal een tussenpion zijn, om vervolgens plaats te maken voor een nog machtigere Poetin. De kans dat Zoebkov verkozen wordt, is zeer groot, aangezien het Russische volk Poetin vertrouwd en zijn kandidaat dus hoogstwaarschijnlijk zal steunen. De geschiedenis zal zich herhalen. Ondertussen zijn er ook al bewegingen achter de schermen waarneembaar: er wordt door Mironov van de partij Rechtvaardig Rusland -de officiĆ«le regering steunde oppositiepartij- geroepen dat het ambtstermijn voor de president in de toekomst verhoogd moet worden naar 5 of zelfs 7 jaar. De uitkomst van dit verhaal; Poetin zal niet verdwijnen, maar in 2012 zijn zetel hernemen, wie weet voor misschien wel 14 jaar. Dan is hij mooi weer aan de macht als de Olympische winterspelen Sochi aandoen. Ja, Rusland kent een eigen democratie.
18.IX.07

vrijdag 21 september 2007

Probleempjes

Even ter geruststelling. Alles is ok. Ik ben terug uit Georgie en woon nu in Sint Petersburg. Per 1 oktober begin ik met werken. Het niet verschijnen van verhalen heeft met computer/ Internet problemen te maken.Ik blijf wel schrijven, dus ze komen eraan. Binnenkort moet het probleem opgelost zijn. Blijf vooral de blog volgen :)

In de wolken

Buiten is het -50 graden Celsius. Binnen zit ik, op weg naar een nieuw avontuur. Om mij heen wolken. In allerlei vormen. Beneden land. Strak opgedeeld in vierkanten. Akkers van de Nederlandse boeren. Met elke minuut laat ik Nederland verder achter en nader ik mijn nieuwe verblijfplaats. Vanuit de cockpit meldt de captain dat we op een hoogte van 10.000 meter vliegen. Benenden, op 7.000 meter, vliegt het KLM-toestel naar Moskou. Weldra zullen we de Russen, zakenlieden en toeristen op weg naar Moskou inhalen. Sint Petersburg wint van Moskou. We vliegen boven de Oostzee. De zee is opgedeeld in eindeloos veel eilanden. Nog een uur te gaan en dan begint het echt: Lija in Sint Petersburg. Er wordt macaronisalade met een warm broodje uitgedeeld. Men stort zich er gretig op om de reis te verkorten, de tijd te vullen en de buurman/ buurvrouw eetsmakelijk te kunnen wensen. Mijn buurvrouw heeft geblondeerd haar, naaldhakken, lange rode nagels, roze lippen, een norse blik en een air van ik ben hier niet. Niet echt een gesprekspartner, dus als snel ga verder met het opnemen van het landschap onder mij en de wolken in de verte. In de wolken, ik begin te mijmeren. Heb ik alles wel in mijn koffer gestopt, heb ik iedereen wel gedag gezegd (zo niet, dan alsnog daaaaagggggg!), heb ik ........ Kdang. Met beide voeten aan de grond. Geen tijd meer om te twijfelen, want vlucht KL1395 is geland op Pulkovo airport. Laat het avontuur beginnen!
25.VIII.07

Kalasjnikov

Momenteel lees ik het boek 'Duizend schitterende zonnen', gesitueerd in Afghanistan, Kabul, te midden van de oorlogen, waar eerst de sovjets, vervolgens de Mujahedin en nu de Taliban met kalasjnikovs rondlopen. Het boek spreekt erg tot de verbeelding en ik begin mee te leven met de hoofdpersonages. Maar daar wil ik het eigenlijk niet over hebben. Waar ik naar toe wil is dat ik soms gebeurtenissen uit gelezen romanverhalen in de werkelijkheid meen terug te zien.
Vroeg op de avond hadden wij de auto op een binnenplaats achtergelaten. Vanuit de ramen zouden we zo af en toe een oogje in het zeil kunnen houden. Op de binnenplaats stonden een aantal jeeps, westerse auto's en een minderheid aan afgedankte, roestende lada's en zjikoeli's dan elders. Het zou geen probleem op moeten leveren om er weer uit te komen en we zouden maar een uurtje of drie blijven, dus ook niet iemands 'plekje' kunnen innemen.
Drie uur later was de doorgang inderdaad vrij. Maar terwijl ik het portier opendoe, zie ik op het papiertje dat ik in mijn andere hand heb een rood zoeklicht voorbij schieten. Met gefronst voorhoofd kijk ik even om en op. Vreemd. Zodra de motor start en we willen wegrijden, zie ik het zoeklicht weer langs de muur voorbij schieten. Door het lezen van dit boek en omdat ik in Rusland ben, denk ik in eerste instantie dat het wel het zoeklicht van een kalasjnikov of ander scherpschuttersgeweer moet zijn. Ik sta er niet eens bij stil dat het ook een kind kan zijn dat met een laser speelt. Tsja, ben ik dan bevooroordeeld over Rusland?
27.VIII.07

maandag 27 augustus 2007

Kalasjnikov

Momenteel lees ik het boek 'Duizend schitterende zonnen', gesitueerd in Afghanistan, Kabul, te midden van de oorlogen, waar eerst de sovjets, vervolgens de Mujahedin en nu de Taliban met kalasjnikovs rondlopen. Het boek spreekt erg tot de verbeelding en ik begin mee te leven met de hoofdpersonages. Maar daar wil ik het eigenlijk niet over hebben. Waar ik naar toe wil is dat ik soms gbeurtenissen uit gelezen romanverhalen in de werkelijkheid meen terug te zien.
Vroeg op de avond hadden wij de auto op een binnenplaats achtergelaten. Vanuit de ramen zouden we zo af en toe een oogje in het zeil kunnen houden. Op de binnenplaats stonden een aantal jeeps, westerse auto's en een minderheid aan afgedankte, roestende lada's en zjikoeli's dan elders. Het zou geen probleem op moeten leveren om er weer uit te komen en we zouden maar een uurtje of drie blijven, dus ook niet iemands 'plekje'kunnen innnemen.
Drie uur later was de doorgang inderdaad vrij. Maar terwijl ik het portier opendoe, zie ik op het papiertje dat ik in mijn andere hand heb een rood zoeklicht voorbij schieten. Met gefronst voorhoofd kijk ik even om en op. Vreemd. Zodra de motor start en we willen wegrijden, zie ik het zoeklicht weer langs de muur voorbij schieten. Door het lezen van dit boek en omdat ik in Rusland ben, denk ik in eerste instantie dat het wel het zoeklicht van een kalasjnikov of ander scherpschuttersgeweer moet zijn. Ik sta er niet eens bij stil dat het ook een kind kan zijn dat met een laser speelt. Tsja, ben ik dan bevooroordeeld over Rusland?

zaterdag 25 augustus 2007

In de wolken

Buiten is het -50 graden celsius. Binnen zit ik, opweg naar een nieuw avontuur. Om mij heen wolken. In allerlei vormen. Beneden land. Strak opgedeeld in vierkanten. Akkers van de Nederlandse boeren. Met elke minuut laat ik Nederland verder achter en nader ik mijn nieuwe verblijfplaats. Vanuit de cockpit meldt de captain dat we op een hoogte van 10.000 meter vliegen. Benenden, op 7.000 meter, vliegt het KLM-toestel naar Moskou. Weldra zullen we de Russen, zakenlieden en toeristen op weg naar Moskou inhalen. Sint Petersburg wint van Moskou. We vliegen boven de Oostzee. De zee is opgedeeld in eindeloos veel eilanden. Nog een uur te gaan en dan begint het echt: Lija in Sint Petersburg. Er wordt macaronisalade met een warm broodje uitgedeeld. Men stort zich er gretig op om de reis te verkorten, de tijd te vullen en de buurman/ buurvrouw eetsmakelijk te kunnen wensen. Mijn buurvrouw heeft geblondeerd haar, naaldhakken, lange rode nagels, roze lippen, een norse blik en een air van ik ben hier niet. Niet echt een gesprekspartner, dus als snel ga verder met het opnemen van het landschap onder mij en de wolken in de verte. In de wolken, ik begin te mijmeren. Heb ik alles wel in mijn koffer gestopt, heb ik iedereen wel gedag gezegd (zo niet, dan alsnog daaaaagggggg!), heb ik ........ Kdang. Met beide voeten aan de grond. Geen tijd meer om te twijfelen, want vlucht KL1395 is geland op Pulkovo airport. Laat het avontuur beginnen!

dinsdag 17 juli 2007

De grens

In mijn leven heb ik al heel wat grenzen gepasseerd. Figuurlijke en letterlijke. Bij de denkbeeldige grenzen was het achteraf altijd wel duidelijk: dit was een hele stap, deze periode zal een grens vormen met de vorige. Maar landgrenzen merkte ik eigenlijk nooit zo op. In de auto op vakantie naar Frankrijk, reed je wel langs lege douaneposten, maar een afbakening, een delende lijn zoals op een geografische kaart, was niet te zien.
Om zo goedkoop mogelijk in Sint Petersburg te belanden, had ik een vliegticket naar Helsinki en vandaar was ik met de trein Sint Petersburg binnengereden. De terugweg kon nog goedkoper: met de bus. De bus vertrok om 23 uur. Om 02:06 op 16 juli voel ik voor het eerst wat een grensovergang inhoudt. De bus passeert kilometers stilstaande vrachtwagens en stop bij een hefboom. Een grensbewaker stapt de bus in en controleert de paspoorten. Vervolgens volgt er een 30 kilometer zone van een kilometer of 5. Geen verlichting, alleen schemer en met prikkeldraad afgeschermde donkere bossen. De bus passeert weer een rij vrachtwagens en nu ook personenwagens. Bij de volgende dubbele hefbomen houdt de bus weer halt. Iedereen moet eruit. In een groep worden we de douanepost binnen geleid. Als ik de houten hokjes onder neonverlichting en de norse douaniers zie, bekruipen mij gevoelens van onrust. Zeker na het recent lezen van het boek ‘De Vliegeraar’ van Khaled Hosseini waarin de Russen zich schandelijk gedroegen bij de grensovergang. Voor mij is er geen teken van beweging en achter mij ook niet. Ik zit vast. Na enkele minuten komt er uit het hokje een indiaans uitziende man, hij mag er niet door. Een luide “prochodite” (loopt verder) klinkt en de rij komt in beweging. Het duurt niet lang meer en ook ik verdwijn in een hokje. “Paspoort”, twee ogen op mij gericht. Ze dwalen van de gegevens in het paspoort naar mij. Dan klinkt de verlossende klik van het stempelapparaat. Ik heb mijn stempel! En mag verder lopen. Maar niet alle passagiers mogen zo makkelijk doorlopen en dus moet ik in dezelfde ruimte blijven wachten, weliswaar aan de andere kant van het hokje. In de verte lonkt in het ochtendgloren de ‘veilige kant’. Daar is Europa, daar kan me niets meer gebeuren, schiet er door mijn hoofd. Heel vreemd. Ik heb de Sovjet Unie nooit meegemaakt, doe niets illegaals en ben nota bene de taal machtig. Toch voel ik mij niet op mijn gemak. Ik voel me hulpeloos en afhankelijk van de toorn der douaniers. Om 02:53 wordt de reis vervolgd en komen we langs de laatste Russische controle post. Wederom moet het paspoort getrokken worden en dit keer wordt er op de stempel gecontroleerd. De hefbomen gaan open en we passeren de grenslijn. Eindelijk kan ik me ontspannen, want de volgende post die we bereiken is die van de Finnen. En daar zal ik als Europeaan warm worden verwelkomd.

P.s. De Russische medepassagiers hadden het bij de Finnen een stuk zwaarder te verduren, want de Finnen wilde precies de reden voor bezoek weten, de lengte van verblijf en de te bezoeken plekken. Ze wantrouwden en controleerden dubbel. Hierdoor duurde deze grenscontrole bijna net zo lang als de eerste.